Nu de eerste vier World Cups van het langebaanschaatsen achter de rug zijn, zijn ook de startplaatsen voor de Olympische Winterspelen van Milaan-Cortina 2026 vastgelegd. De regels van de ISU zijn erg ingewikkeld. Er mogen maximaal 164 individuele schaatsers starten op de Spelen en de startplaatsen worden in principe verdiend per land en niet per individuele schaatser, dus er is nog enige onzekerheid. Maar toch zijn we zo goed als zeker dat er drie schaatsers van LBSG er aan de start zullen staan.

Sandrine Tas plaatste zich met overschot voor de 3000 en de 5000 meter, als 8ste in de wereldbekerstand “Long Distances”. Met een 22ste plaats in de wereldbekerstand “Mass Start” heeft ze ook daar haar ticket te pakken. Op de 1500 meter is Sandrine 6de reserve en is haar startkans dus klein.
Fran Vanhoutte staat 12de in de wereldbekerstand Mass Start en is daardoor uiteraard ook zeker van een plaats op de Olympische Spelen. Op de 500 meter is Fran eerste reserve en is er dus een redelijke kans dat ze ook daar in actie kan komen. Op de 1000 meter is ze derde reserve.
Zo goed als zeker zien we België, met Fran en Sandrine, ook in actie op de ploegenachtervolging bij de vrouwen. Daar zijn er starttickets voor de beste 6 landen in de wereldbekerstand, aangevuld met de 2 snelste tijden. België heeft de 2de snelste tijd van de landen die niet bij de eerste zes in de stand staan, en mag als 8ste land naar de Spelen. Er was enige onduidelijkheid of Italië zich als gastland zou kunnen plaatsen ten koste van België, maar aangezien de vrouwen van Italië niet goed genoeg hebben gepresteerd om op de reservelijst te komen, lijkt België zeker van zijn plek.
Indra Médard is, dankzij zijn 17de plaats in de wereldbekerstand, verzekerd van een startplaats op de Mass start. Op de 1500 meter is Indra 8ste reserve. De kans dat hij die startplek zal kunnen verzilveren, is dus erg klein.
Op 19 december maakt de ISU de definitieve lijst met startplekken per land bekend. Tussen 19 en 22 januari worden de reserveplekken ingevuld.




